Dyslexie & meertaligheid

Leerkrachten en intern begeleiders zullen zich, bij een meertalige leerling, regelmatig de vraag stellen: ‘Is hier nu sprake van een echte leesstoornis zoals dyslexie, of zijn de leesproblemen het gevolg van een nog onvoldoende Nederlandse taalvaardigheid?’

Fleur Kuip
Orthopedagoog & Dyslexiebehandelaar


 

Als Dyslexiebehandelaar bij OBD Noordwest heb je te maken met veel verschillende leerlingen. Niet elke leerling met dyslexie komt in aanmerking voor het vergoede behandeltraject. Voordat gestart wordt met het traject wordt afgewogen of sprake is van ernstige en enkelvoudige problematiek en een voldoende/positief behandelperspectief (motivatie, omgevingsfactoren, te verwachten leerrendement). Je zou kunnen verwachten dat onze werkzaamheden als dyslexiebehandelaar op deze manier redelijk voorspelbaar zijn. Gelukkig (en soms helaas 🙂 ) is dat niet waar. Net zoals ieder mens uniek is, is ook elke leerling met (ernstige) dyslexie uniek. Er bestaan binnen de ernst toch nog grote verschillen en enkelvoudig blijkt in de praktijk niet altijd even enkelvoudig te zijn. Secundaire comorbide ontwikkelingsproblemen als bijvoorbeeld ADHD of ASS zorgen ervoor dat de aanpak en het handelingsplan per leerling verschillen.

Meertaligheid kan een extra uitdaging vormen

 

Naast deze ontwikkelingsproblematiek kan het samengaan van dyslexie met meertaligheid of hoogbegaafdheid binnen de behandeling een extra uitdaging vormen. Met de komst van meer anderstalige kinderen in de klassen, merken we de laatste tijd dat de behoefte groeit om meer kennis te vergaren over dit eerste onderwerp.

Voor anderstalige kinderen is het al een uitdaging om een nieuwe taal te leren, laat staan als je ook nog dyslexie hebt. Leerkrachten en intern begeleiders zullen zich, bij een meertalige leerling, regelmatig de vraag stellen: “Is hier nu sprake van een echte leesstoornis zoals dyslexie, of zijn de leesproblemen het gevolg van een nog onvoldoende Nederlandse taalvaardigheid?”.

Afbeelding lang

Voorkom onder- en overdiagnose

 

Gelukkig zijn er manieren om hier achter te komen. Mostaert, Liekens en Schraeyen (2015) benoemen in hun artikel ‘Diagnostiek van leerproblemen bij meertaligen’ dat het allereerst belangrijk is om te weten hoe de normale meertalige ontwikkeling verloopt. Op deze manier kunnen zowel onder- als overdiagnose worden voorkomen. Bij onderdiagnose wordt de mondelinge taalachterstand in het Nederlands gezien als verklaring voor de leesmoeilijkheden, terwijl er misschien ook sprake is van dyslexie.

Bij overdiagnose wordt te snel de conclusie gesteld dat er sprake is van dyslexie, terwijl de oorzaak juist ligt in een onvoldoende beheersing van het Nederlands. In het Nederlands maken we bijvoorbeeld onderscheid tussen korte en lange klanken (bijvoorbeeld /boom/ en /bom/). In het Slavisch wordt dit onderscheid niet gemaakt. Je kan in het aanvankelijk leesproces dan ook fouten horen als /in het bos staat een bom/ in plaats van /in het bos staat een boom/. Niet direct een aanwijzing voor een leesstoornis. Een ander voorbeeld: in het Nederlands zijn de volgende letterclusters in een woord toegestaan /str/, maar in het Turks niet. Een Turkse leerling kan daarom moeite hebben met het hardop lezen van deze beginclusters. Voor het stellen van een juiste diagnose is kennis hierover belangrijk.

Afbeelding

Meertalige leerlingen onder behandeling

 

Mocht na uitgebreide diagnostiek de diagnose van ernstige dyslexie worden gesteld dan bestaat de kans dat één van onze behandelaren aan de slag gaat met de leerling.

Onze dyslexiebehandelaars Lenneke Wisman en Charlotte Breed hebben beide een meertalige leerling in behandeling gehad. In deze blog vertellen ze hun ervaringen.

Charlotte

 

Charlotte Breed vertelt over haar leerling, een jongen die geboren is in Polen en in 2013 naar Nederland is gekomen. Na een periode NT2 onderwijs (in een nieuwkomersklas) zit hij inmiddels in groep 7.

“Hij spreekt de Nederlandse taal goed. Wel merk je dat hij bepaalde woorden, die niet vaak voorkomen, niet kent, maar hij is leergierig en schroomt niet om te vragen wat de betekenis van woorden is. Binnen de teken-klank koppeling merk je dat hij specifieke fouten maakt, dit hangt misschien wel samen met zijn moedertaal”.

Huiswerkbegeleiding regelen kan een hele organisatie zijn

Bij de behandelingen hoort ook het maken van huiswerk. Charlotte vertelt:

“Het starten met de behandelingen heeft even geduurd, omdat er voor 5 dagen begeleiding georganiseerd moest worden. Ouders spreken geen Nederlands en kunnen hem daarom hier niet bij helpen. Nu is het zo opgelost dat hij 3 dagen in de week aan het begin van de schooldag oefent met de onderwijsassistente, een ochtend in de week met een moeder van een klasgenoot en een ochtend met zijn eigen leerkracht. De behandelaar onderhoudt het contact met de onderwijsassistente. Meestal per mail, soms face-to-face. Voor het bespreken van het startplan met daarin de doelen waaraan gewerkt wordt en het bespreken van de evaluatietoetsen wordt een afspraak gemaakt met ouders. Zij nemen zelf een tolk mee. Voor mij een nieuwe ervaring. Het werkte prima”.

Lenneke

 

Lenneke Wisman vertelt over haar leerling die thuis tweetalig wordt opgevoed, waardoor het oefenen thuis een iets minder grote uitdaging vormt.

“Zijn moeder sprak vooral Engels met hem en vader Nederlands. Moeder spreekt wel ook redelijk Nederlands. Zij kwam elke week mee en in de overdracht spraken we Nederlands. Het oefenen met lezen kon zijn moeder wel met hem doen, maar spelling werd lastiger voor moeder om goed uit te leggen. Dit deed hij altijd met zijn vader”.

OBD Noordwest biedt ook voor meertalige leerlingen perspectief op verbetering

Het ONL-dyslexietraject van OBD Noordwest biedt ook voor meertalige leerlingen met ernstige, enkelvoudige dyslexie perspectief op verbetering. Lenneke:

“Onlangs heeft hij zijn eerste toets gemaakt. We zien op tekst- en woordlezen nog niet de vooruitgang waarop we gehoopt hadden, maar wel dat hij nauwkeuriger is gaan lezen. Daar zijn we heel blij mee. Op spelling heeft hij een enorme groei doorgemaakt. Hij denkt heel bewust na over de klanken en ook de geoefende spellingcategorieën die behandeld zijn, doet hij beter. Geweldig om te zien hoe trots hij zelf is!”

Checklist ‘Dyslexie & meertaligheid’

Samen met onze partners in dyslexiezorg hebben we een checklist ‘Dyslexie en meertaligheid’ ontwikkeld. Als er bij kinderen voor wie Nederlands de tweede taal is lees- en spellingproblemen bestaan, is het van belang om na te gaan of de achterstand bij lezen en spellen komt door een specifieke stoornis, een algemeen taalprobleem óf nog onvoldoende kennis van de Nederlandse taal.

De checklist vormt een eerste stap in het maken van onderscheid hierin. Daarbij komen achtereenvolgens vragen over de achtergrond van het kind, vragen over de taalvaardigheid in de moedertaal en vragen over de beheersing van het Nederlands als tweede taal aan bod.

 

Mocht je bij het lezen van deze blog nu opeens sterk aan een bepaalde leerling in je groep of school denken en zou je graag meer over dit onderwerp willen weten?

Neem dan contact op met Daniëlle van der Werf, Onderwijsadviseur & GZ-psycholoog.

Meer informatie over Tweede Taal

 

Meer informatie?